Kap.

Wanneer het bos zo wijds is dat je de bomen niet meer ziet en details ronduit belachelijk worden; schrijnend is het blad - de herfst is in aantocht


Er zijn beren en mannen op de levensweg en met twee van hen strijk ik neer om een keukentafel in dat appartement in het zuidelijkste puntje van de stad


Ik hoef enkel met mijn ogen te knipperen om ze te kunnen zien en mijn haren bind ik op want alles zit me zo godverdomde in de weg


Och lieverds, we kunnen eindeloos converseren, ouwehoeren, praten goochelen met woord en drank tot het bijna ochtend is en pompoenen weer in rijtuigen veranderen


En ik fiets dat hele klote eind naar huis door mijn sektarisch sprookjesbos onderweg een suïcidale marktkoopman die mijn hele hebben en houwen tentoonspreidt alsof het niets is:


M'n huid kon je er kopen voor een daalder


Wil je straks nog heel eventjes en uitermate stilletjes bij me komen?


Het is soms eenzaam hier verkapt tussen de bomen