Anloo op doek.

Ik werd verliefd op een kleurrijk canvas in de kunstuitleen: het had zowaar een man kunnen zijn


Anloo bleek het, in negativiteiten en ik vroeg me af hoe de schilder de regen en de wind trotseerde terwijl zijn pallet zich met liefde vulde


Want dit moet een bomenknuffelaar geweest zijn


Ken nait aans (of zoiets)


En ik zou willen dat er een diploma was voor de inburgering van Brabander naar noorderling


Hij siert nu hier in Grunniger stad huis, haard, hoop in een bos van hoger hand


En ik omarm met zuiderlijk drama en souplesse de nuchtere schoonheid van 't Drentse land