Nachtschade.

Je laat me achter met de restanten van de nacht een dubbele kop koffie een enkele druppel bloed en lakens die aan verversing toe zijn


Ik denk aan de bundel van de vriendin die nog altijd in mijn kast staat en neem me voor die weer eens ter hand te nemen


Ik denk aan de woordspelletjes die ik speelde met de saxofonist terwijl hij me even vasthoudt in een drukbezette kroeg dat is fijn


In late uren gaan we huiswaarts altijd huiswaarts en jij doet, héél karakteristiek, de voordeur op de knip die ik nooit gebruik


Je opent een klein beetje dat is fijn


Je laat me achter met restanten ze schreef het ooit zo pakkend: Nachtschade alles wat er over is van ons samenzijn