Twijfeltrauma
Er zijn dingen die ik niet deel. Dingen die ik angstvallig voor mezelf houd, omdat het delen ervan zoveel onzekerheid, twijfel en angst oproept dat je er niet aan kan of mag tornen. Dingen die uitsluitend bedoeld zijn voor de oren van mijn traumatherapeute; niet omdat de impact van het delen bij haar minder is, maar omdat ik al enkele jaren besloten heb dat ik wil helen, en daarom dus moet delen. Helen is delen. En dat gaat met moeite.
Niet elk trauma is gewelddadig. Niet elk trauma is voor de oren van een buitenstaander "traumawaardig". Grensoverschrijding is niet altijd objectief toetsbaar. Zeker wanneer je, in je verleden, al te maken hebt gehad met grensoverschrijding, kunnen "kleine" gebeurtenissen zich opstapelen als een wankele blokkentoren. Een man die nét iets te dicht naast je komt zitten terwijl daar absoluut geen noodzaak voor is. Een vrouw die vindt dat ze recht heeft op jouw knuffels. Gebeurtenissen die de gedachte dat dit jouw lijf is, en dat er daardoor jouw regels gelden, doen wankelen.
Ik ken beide kanten van de munt. En ja, het een vloeit voort uit het andere. Ik ken gebeurtenissen waarin ik weerloos was, waarin mijn grenzen op een gewelddadige manier werden overschreden. En ik ken het gevolg daarvan; het gevolg dat je lijf niet meer als eigen voelt, waardoor het soms reacties geeft die je niet kan controleren. Reacties waardoor je aan jezelf gaat twijfelen. Twijfel die vervolgens leidt tot allerlei gedachtenpatronen en schuldverleggingen. Het zijn gebeurtenissen die je in het grotere perspectief moet zien. Zou ik een van bovenstaande voorbeelden opzichzelfstaand delen, dan zouden veel mensen zeggen: "maar dat is geen grensoverschrijding." of: "heb je werkelijk dáár een trauma van?". Deel je een kleine gebeurtenis in het grotere verhaal, dan zullen de meeste mensen hopelijk begrijpen dat het één een logisch gevolg is van het ander. Dat voorgaand trauma je reacties bepaalt op toekomstige gebeurtenissen.
Ik dacht altijd dat mijn grootste schade zat in het objectieve traumatische. De dingen die ik, heel soms, deel met anderen waarbij de reacties welliswaar uiteenlopen, maar altijd doordrenkt zijn met een bevestiging: ja, logisch dat je daar last van hebt. Ik kom er nu steeds meer achter dat mijn lijden en patronen meer zitten in de gebeurtenissen die aan mijzelf raken. De subtiele, voorzichtige, geniepige en achterbakse gebeurtenissen. De trauma's die raken aan je eigen verantwoordelijkheid, schuldgevoelens en twijfel. Mag ik dit voelen? Wil ik dit werkelijk wel of niet? Had ik anders moeten reageren? Is dit allemaal mijn eigen schuld? Waarom doet mijn lijf wat mijn lijf doet? Het zijn allemaal blokken in de blokkentoren. Een blokkentoren die toch al op een wankel fundament staat. De opeenstapeling van dingen, mensen, gebeurtenissen. En bovenop die blokkentoren liggen de twijfeltrauma's. De trauma's die een gezond hoofd en lijf had kunnen voorkomen. De trauma's die er niet geweest waren als het fundament gegoten was in beton, als de basis goed was geweest.
Het is juist het twijfeltrauma wat mij deert. Het wijfelen of ik anders had kunnen en moeten doen. Het vraagstuk of ik daar de gelegenheid toe had. En de pijn die het doet als ik objectief gezien "ja" moet antwoorden op die vraag.
Oordelen is makkelijk. Wanneer iemand die ontsnapt is aan jaren huiselijk geweld de vraag krijgt "maar waarom ging je dan niet gewoon weg?" is dat feitelijk een goede vraag. Een goede vraag van iemand wiens blokkentoren stabiel en stevig staat. Iemand met een duidelijk fundament. Iemand die met stabiele hand er blokken uit kan trekken om verder te stapelen, zonder al te veel angst dat de boel onherroepelijk in elkaar zal storten. Iemand voor wie het woord "gewoon", nog de oorspronkelijke betekenis heeft.
Ik leer langzaam weer wat "gewoon" is. Ik stort beton. Ik verleg met bevende handen de blokken en hoop bij elke stap maar dat het goed afloopt. Ik wankel. Ik twijfel. Maar ook ik wil winnen. Net als iedereen.
Feitelijk is het een soort Jenga voor gevorderden.
